Voltaire Netwerk

Waarom moet de stagnatie van de Bank van het Zuiden dringend worden teruggedrongen?

De vertegenwoordigers van Zuid-Amerika bevinden zich op een tweesprong. De economie aldaar is in 2015 gekrompen en zal naar schatting stagneren in 2016. Niets wijst erop dat de prijzen van primaire producten zullen stijgen. Opnieuw rijst de vraag of publieke uitgaven verminderd moeten worden en er leningen moeten worden aangevraagd bij kredietinstellingen van het Amerikaanse ministerie van Financiën. Ariel Noyola is echter van mening dat vertegenwoordigers van Latijns-Amerikaanse landen zouden kunnen bijdragen aan de versterking van de Zuid-Amerikaanse economie door de Bank van het Zuiden te financieren. Sinds meer dan acht jaar ligt dit project stil en gezien de ernst van de huidige economische situatie zou de verdieping van het project verhinderd kunnen worden.

| Mexico-Stad (Mexico)
+
JPEG - 30.9 kB
© David Manrique

In het kader van wereldwijde recessie moeten de vertegenwoordigers van Zuid-Amerika dringend al hun tijd en moeite steken in het oprichten van eigen kredietinstellingen en in financiële samenwerkingsprojecten om de invloed van de dollar in de regio te doen afnemen. Iedere keer als de Amerikaanse overheid zich op economisch vlak laat gelden in de regio, wordt het voor Zuid-Amerikaanse landen onmogelijk gemaakt een zelfstandig beleid te voeren tegenover de gevestigde kredietinstellingen.

De modus operandi van het Internationaal Monetair Fonds (IMF), de Wereldbank en de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IAO) is reeds bekend: schuld wordt gebruikt om druk uit te oefenen op de bevolking, er worden draconische economische maatregelen genomen (zoals onder andere de afname van uitgaven aan sociale zekerheid, bezuinigingen op salarissen en privatisering van overheidsbedrijven), er wordt onbeperkt financiële hulp geboden aan overheden die door een staatsgreep aan de macht zijn gekomen maar gesteund worden door de VS (zoals Chili halverwege de jaren 70) enzovoort. Daarom, en om nog vele andere redenen, is het nodig het fundament van de Zuid-Amerika te verstevigen.

In de eerste plaats is de Unie van Zuid-Amerikaanse Naties (UZAN) nodig. Dat is geen “gemeenschappelijke munteenheid” zoals de euro, maar een valutamand die bestaat uit verschillende munteenheden (zoals de bijzondere trekkingsrechten van het IMF). Deze is stabieler dan de Amerikaanse dollar, zowel voor de uitgifte van obligaties als voor prijsvergelijkingen binnen de regio. Het moet dan ook gestimuleerd worden dat handelsinteracties in nationale munteenheden worden berekend.

Sinds 2008 maken Argentinië en Brazilië gebruik van een betalingssyteem dat betalingen in de lokale munt mogelijk maakt. In oktober 2015 hebben Paraguay en Uruguay een soortgelijk betalingssysteem geïmplementeerd. Dankzij deze maatregel hoeven zij geen gebruik meer te maken van de dollar en zijn de transactiekosten tussen bedrijven in deze landen aanzienlijk verlaagd. Nu moeten alleen Bolivia en Venezuela nog bij het project betrokken worden om de "de-dollarisatie" binnen Mercosur-lidstaten te stimuleren.

In de tweede plaats heeft Zuid-Amerika nood aan een sterk stabilisatiefonds dat de betalingsbalans kan beschermen tegen de hevige schommelingen van de dollar, zeker nadat de FED de federal funds rate in december vorig jaar heeft verhoogd [1]. Door de prijsstijging van primaire materialen in 2002 en 2009 zijn internationale reserves massaal gestegen, maar Zuid-Amerika bleef geindustrialiseerde landen financieren.

Een aanzienlijk deel van de miljarden die Zuid-Amerika heeft opgespaard, is de laatste jaren geïnvesteerd in obligaties van het Amerikaanse ministerie van Financiën in plaats van te investeren in activiteiten middels een sterk Fonds van het Zuiden. Het enige stabilisatiefonds in de regio is het Latijns-Amerikaans Reservefonds (Spaans: FLAR), dat in 1978 is opgericht onder de naam Fondo Andino de Reservas en bestaat uit Bolivia, Colombia, Costa Rica, Ecuador, Paraguay, Peru, Uruguay en Venezuela.

De middelen van het FLAR volstaan echter niet in tijden van crisis: het kapitaal bestaat uit amper 3,609 miljard dollar, minder dan 15% van de reserves die zijn opgeslagen in de Boliviaanse Centrale Bank. De kredietmarkt is wereldwijd te veranderlijk geworden. Alleen al in 2015 is meer dan 98 miljard dollar aan investeringen van opkomende landen in rook opgegaan, naar schatting van het International Institute of Finance (IIF) [2].

Het is dan ook hard nodig dat er iets wordt gedaan aan deze kwetsbaarheid. De Mercosur-lidstaten hebben een eigen stabilisatiefonds nodig dat, gezien de hoge financiële integratie van Brazilië in de wereldeconomie, over minimaal 100 miljard dollar aan geplaatst kapitaal beschikt, het benodigde aantal middelen om de CRA van de BRICS-landen (Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika) in werking te doen treden.

In de derde plaats moet de Bank van het Zuiden uit het bureaucratische slop getrokken worden, zodat de bank zijn eerste leningen kan verstrekken [3]. De technische details zijn zo goed als geregeld: het startkapitaal zal 7 miljard bedragen en het maatschappelijk kapitaal 20 miljard. Het hoofdkantoor zal in Venezuela zijn, met vestigingen in Argentinië en Bolivia. De initiële werking van de bank is keer op keer uitgesteld, waardoor de bank acht jaar nadat de stichtingsakte is getekend in Buenos Aires nog altijd zijn deuren niet heeft geopend [4].

Er zijn economische belangen gemoeid met de status quo van de bank, zowel binnen als buiten de regio. Hoewel de Bank van het Zuiden in eerste instantie alle lidstaten van UNAZ zou verbinden, lijkt dit onmogelijk te zijn: Suriname en Guyana hebben er geen belang bij, terwijl Chili, Colombia en Peru zich vastbijten in de integratieprojecten die door Washington gestimuleerd worden, zowel in de Pacifische Alliantie als het Transpacifisch Partnerschap (TPP).

Bijgevolg is het aantal lidstaten van de Bank van het Zuiden beperkt gebleven tot de lidstaten van Mercosur en Ecuador. Anderzijds komt de meeste weerstand binnen het blok van Itamaraty, het Braziliaanse ministerie van Buitenlandse Zaken. De invloed van het Braziliaanse BNDES is zodanig groot dat het in een paar jaar tijd hoger is dan de kredieten van het IMF, de Wereldbank en de IAO.

Het BNDES wil Latijns-Amerika niet vooruit helpen, maar de toevoer van primaire materialen naar Braziliaanse bedrijven garanderen [5]. De middelen van de BNDES worden gebruikt voor megaprojecten die de afhankelijkheid van export van primaire middelen in Zuid-Amerika in de hand werken, zoals het Initiatief voor Infrastructurele Integratie van Zuid-Amerika (IIRSA), een wegennetwerk over het gehele continent dat slechts een handvol bedrijven ten goede zal komen [6].

Daarentegen wordt het geld van de Bank van het Zuiden niet alleen uitgegeven aan infrastructuur, maar wordt het ook besteeds aan een breed scala aan investeringsprogramma’s wat betreft onderwijs, gezondheid, woning enzovoort. De Bank van het Zuiden zal zich volledig ontdoen van het juk van de Consensus van Washington, dat Latijns-Amerika meer kwaad dan goed heeft gedaan; de bank zal leningen afsluiten tegen zeer lage rentetarieven gezien deze als doel heeft de economische ontwikkeling van de bevolking te stimuleren.

Ongetwijfeld biedt de Bank van het Zuiden hoop in tijden van crisis. Enerzijds helpt het economische verlichting te geven aan Zuid-Amerikaanse landen die de dupe zijn van sterke inkrimpingen. Anderzijds kan het de meest ambitieuze plannen in de integratie van Zuid-Amerika helpen financieren: wetenschappelijke en technische projecten, een spoornetwerk, een energienetwerk enzovoort.

Al met al moeten Zuid-Amerikaanse overheden concrete maatregelen nemen die de instandhouding van het huidige systeem een halt toeroepen, sterker nog: het huidige systeem neerslaan. Uiteraard heeft de Braziliaanse overheid de meeste verantwoordelijkheid voor het redden van de soevereiniteit van het hele continent. Het zal uiteindelijk van de vertegenwoordigers van Itamaraty afhangen of de stagnatie van de Bank van het Zuiden zal worden teruggedrongen.

Vertaling
Thirza Toes
Tolk en vertaalster Nederlands, Engels en Spaans.

Bron
Russia Today (Russie)

[1] «Fed’s rate rise could heighten problems in emerging markets», James Quinn, The Telegraph, December 18, 2015.

[2] «Emerging market portfolio flows at weakest level since global financial crisis», Jonathan Wheatley, The Financial Times, January 4, 2016.

[3] «Banco del Sur, crisis global y turbulencia en Latinoamérica», por Ariel Noyola Rodríguez, Red Voltaire, 22 de septiembre de 2014.

[4] «The Bank of the South: Bolivarian finance», The Economist, December 13, 2007.

[5] «Brasil vs. Banco del Sur», por Oscar Ugarteche, Agencia IPI (Perú), Red Voltaire, 28 de agosto de 2007.

[6] «Interconexión sin integración: 15 años de IIRSA», Raúl Zibechi, Programa de las Américas, 23 de septiembre de 2015.

Ariel Noyola Rodríguez

Ariel Noyola Rodríguez Als econoom afgestudeerd aan de Nationale Autonome Universiteit van Mexico (UNAM) en lid van het in Canada gevestigde Onderzoekscentrum naar Globalisatie, Global Research. Zijn verslagen over de wereldeconomie worden gepubliceerd in het weekblad Contralínea. Ook schrijft hij opiniestukken voor de internationale nieuwssite Russia Today. Hij heeft voor zijn werk bij het Voltaire Netwerk in de loop van 2015 de Nationale Prijs voor Journalistiek gewonnen in de categorie Beste Financieel-economische Analyse. Deze prijs wordt jaarlijks uitgereikt door Mexicaanse Club van Journalisten.

 
Voltaire Netwerk

Voltaire, internationale editie

Artikelen onder de Creative Commons licentie

U kunt de artikelen van het Voltaire Netwerk vrij reproduceren op voorwaarde de bron te vermelden en ze niet te veranderen noch ze voor commerciële doeleinden te gebruiken (licentie CC-BY-NC-ND)

Het Voltaire Netwerk ondersteunen

U gebruikt deze site waar uw kwaliteits-analyses vindt die u helpen uw opvatting van de wereld te smeden. Deze site kan zonder uw financiële steun niet voortbestaan.
Helpt ons met een bijdrage.

Hoe aan het Voltaire Netwerk deel te nemen ?

De animators van het netwerk zijn allen vrijwilligers.
- Vertalers op beroepsniveau: u kunt aan het vertalen van de artikelen deelnemen.